28 - 30 maanden

Help je peuter nieuwe angsten overwinnen

Woman looking at a toddler holding her hands

Tussen de leeftijd van 24 en 30 maanden kunnen kinderen ineens sterkere angsten ontwikkelen. Zelfs als ze al best veel kunnen zeggen voor hun leeftijd, kunnen peuters van twee het nog erg moeilijk vinden om onder woorden te brengen waar ze bang voor zijn. Op deze leeftijd kan hij angst uiten als verdriet, aanhankelijkheid, onvoorspelbaar gedrag, opvallende stemmingswisselingen, of op nog andere manieren.

Wanneer je baby langzaamaan verandert in een jong kind en zich steeds meer bewust wordt van zichzelf, kan de wereld om hem heen groot en onvoorspelbaar aan gaan voelen. En sommige aspecten van die nieuwe wereld kunnen spannend zijn voor je kind. Sommige angsten – bijvoorbeeld voor insecten, onweer, of het donker – zijn makkelijker te begrijpen dan andere: wc’s die doorgespoeld worden, stofzuigers, of liften. 🤷‍♀️

Dit is hoe je het beste kunt reageren op de angsten van je peuter:

Neem zijn angsten serieus

Waar hij ook bang voor is, probeer hem de kans te geven om zijn angst uit te leggen. Misschien heeft hij hier nog niet de woorden voor, maar het kan al helpen om te laten zien dat je hem gelooft: “ik zie dat je bang bent van die hond. Misschien omdat hij zo snel beweegt en hard blaft? Het is helemaal niet erg om bang te zijn. Zal ik je even optillen?”.

Later kun je er nog eens naar proberen te vragen. Vraag bijvoorbeeld “wat vond je zo eng aan die hond?”, en luister goed naar wat hij probeert te zeggen. Als hij nog niet veel kan zeggen, vertel de situatie dan nog eens na. Een negatieve ervaring herhalen kan tegenstrijdig voelen, maar is juist erg leerzaam voor je peuter. Zo help je hem het gevoelige deel van zijn brein verbinden aan het deel dat hij gebruikt om te redeneren.

Praat over angsten wanneer hij niet bang is

Tweejarigen zijn al oud genoeg om hun verbeelding te gebruiken, maar nog te jong om fantasie van werkelijkheid te kunnen onderscheiden. In een donkere kamer, bijvoorbeeld, is veel onbekend, waardoor er veel ruimte is voor de fantasie van je kind. Daarom kan het lastig zijn om kinderen die bang zijn in het donker ’s avonds te troosten en gerust te stellen. Probeer hem in plaats daarvan overdag al voor te bereiden op wat er vanavond gaat gebeuren. Zeg bijvoorbeeld: “het is bijna avond, en dan wordt het donker op je kamer. Maar alles blijft hetzelfde! Je bed, je kast, en je kleren blijven precies hetzelfde in het donker. Als het donker is, betekent dat alleen dat de zon onder is. ’s Ochtends komt de zon weer op en wordt het weer licht”.

Oefen samen en doe rollenspellen

Doen alsof in een veilige omgeving is een goede manier om angsten te overwinnen. Als je kind bang is van een prik krijgen, speel dan doktertje, en laat je kind ook even dokter of verpleger zijn. Als hij degene is die de prik geeft, kan het voor hem voelen alsof hij meer controle heeft over de situatie. Gebruik de woorden die dokters en verplegers gebruiken: “dit prikt misschien even, maar het duurt maar heel kort. Daarna ben je klaar. Dan krijg je een mooie pleister, en mag je een cadeautje uitkiezen omdat je zo dapper bent geweest”.

Lees boekjes over omgaan met angsten

Boekjes kunnen een goed hulpmiddel zijn om te anticiperen op potentieel spannende ervaringen (zoals een doktersbezoek of een bij die in je buurt vliegt). Wanneer je kind ziet hoe een ander kindje op deze ervaring reageert en omgaat met een spannende situatie, kan dat hem het vertrouwen geven dat hij het ook kan.

Benoem echte gevaren

Young child sitting on the ground looking at a robot vacuum

Soms zijn angsten en zorgen juist goed: we willen immers niet dat onze kinderen zomaar de straat oplopen of een hond aaien zonder toestemming van het baasje. Hoewel je kind niet opgeslokt moet worden door de angst, is het wel goed om hem de angsten bij te brengen die hem veilig houden.

Bang zijn van snelle auto’s is rationeel (“auto’s kunnen je pijn doen, dus je mag nooit de straat oprennen”), maar bang zijn van stofzuigers niet. Als je aan het stofzuigen bent, kun je je kind bijvoorbeeld geruststellen dat hij niet opgezogen kan worden door de stofzuiger: “zie je hoe klein de opening is? Daar passen alleen kleine dingen zoals stof en vuil doorheen, geen kindjes of mensen”.

Overwin angsten in kleine stapjes

Als je kind het bijvoorbeeld spannend vindt om in bad te gaan, kun je een klein badje met water vullen. Zo kan hij eerst wennen aan alleen zijn hand of voeten in het water hebben. Leg hem uit dat dit hetzelfde water is als in bad, dat hij ermee kan spelen, en dat het fijn voelt. Als het gaat om dieren, geldt vaak: hoe kleiner, hoe minder eng. Je kunt het baasje van een klein hondje dat jullie tijdens het wandelen tegenkomen bijvoorbeeld eens vragen of de hond lief is en of je hem mag aaien. Misschien wil je kind het ook wel proberen, maar als hij het nog te spannend vindt kan hij eerst kijken hoe jij het doet en zien dat er niks engs gebeurt. Misschien is hij er dan de volgende keer, of de keer daarna, wel klaar voor.

En soms is het beste: gewoon uit de weg gaan

Of een angst nu rationeel is of niet, soms is de makkelijkste optie simpelweg om de oorzaak – honden, water, spinnen – te vermijden. Je kunt je kind bijvoorbeeld een nachtlampje geven (het liefst niet te fel), oversteken wanneer er een hond aankomt, of je kind wassen met een washandje in plaats van in bad te gaan. Blijf er wel over praten: wanneer hij merkt dat je serieus naar hem luistert en er voor hem bent, zal hij zijn angst eerder weten te overwinnen.

Auteur

Team Lovevery Avatar

Team Lovevery

Visit site

Geplaatst in 28 - 30 maanden, Communicatie, Angsten, Taal, Kinderontwikkeling

Blijf lezen